Suevische kunst
In de jaren 30, 40 en 50 werden bij baggerwerken in de Schelde drie “drakenkoppen” gevonden. Van één
is het zeker dat hij bij een schip hoorde. Van de andere is dat wel mogelijk, maar niet zeker. Algemeen
wordt aangenomen dat ze wat periode betreft horen bij de zgn. volksverhuizing. De Sueven vormden
een niet onaanzienlijke groep van de Germaanse immigranten in dit deel van België. Suevische
oorsprong moet dan ook niet uitgesloten worden.
In 1934 zijn bij baggerwerken in de Schelde te Appels
(bij Dendermonde) de resten van een scheepswrak
aangetroffen waaronder een zogenaamde drakenkop.
Deze dateert volgens een koolstof-14 datering van
rond om en bij 400 AD (250-550 AD) en was vermoedelijk,
gezien de afmetingen van het stuk, afkomstig van een boot
met een lengte van ongeveer 18 m. Het stuk bevindt zich in de
collectie van het British Museum.
In 1942 is een ‘drakenkop’ in eik uit de Schelde opgebaggerd
nabij Moerzeke-Mariekerke .Vierck stelt op stilistische gronden
een datering voor in de 5de eeuw met een voorkeur voor de 2de
helft van de 5de eeuw. Het stuk is wellicht afkomstig van een
klein schip en bevindt zich in het British Museum.
In 1951 is uit de Schelde te Zele een derde zgn. ‘drakenkop’
opgebaggerd. Het is echter volgens Bruce-Mitford niet absoluut
zeker dat dit wel een onderdeel van een schip is geweest. Het zou
even goed een onderdeel van een groot meubel geweest kunnen
zijn. Het stuk bevindt zich in een museum te Leiden.